| OER | Herkomst: Hoger Onderwijs | |
| Onderwijs- en examenregeling. Een onderwijs- en examenregeling (OER) is verplicht voor elke opleiding aan een universiteit of hogeschool. In de wet is bepaald dat elke opleiding een reglement moet opstellen voor het onderwijs en de examens binnen die opleiding, waarin zaken zoals de inhoud van de opleiding en de toelatingseisen vastgelegd worden. | ||
| Oio | Herkomst: Hoger Onderwijs | |
| Onderzoeker in Opleiding. Afgestudeerde academicus of hbo'er die tegen een verlaagd salaris wordt aangesteld om onderzoek te doen en daarop te promoveren (vergelijkbaar met een AiO), maar niet in dienst is van de universiteit maar bijvoorbeeld in dienst van NWO. Daarnaast dient een AiO onderwijs te krijgen en te geven, voor maximaal 25% van de tijd. | ||
| OC | Herkomst: Hoger Onderwijs | |
Een Opleidingscommissie heeft op grond van de Wet op het Hoger Onderwijs (WHW) tot taken:
| ||
| Onderbouw | Herkomst: Algemeen Voortgezet Onderwijs | |
| De lesstof in de onderbouw is voor alle leerlingen grotendeels gelijk. In de kerndoelen staat wat alle leerlingen moeten leren. Scholen hebben sinds 1 augustus 2006 veel vrijheid om het onderwijs in de onderbouw te organiseren. Het betreft VMBO leerjaren 1 en 2, HAVO leerjaren 1, 2 en 3; VWO leerjaren 1, 2 en 3. Na de onderbouw moet de leerling kiezen voor een studie- of een beroepsrichting. Leerlingen kiezen dus - anders dan vroeger - niet direct bij binnenkomst in het voortgezet onderwijs voor VMBO, HAVO of VWO. Wel bekijkt de school de mogelijkheden van iedere leerling. Daarnaast krijgen leerlingen een zogenoemde 'oriëntatie op studie of beroep'. Daarin leren ze meer over allerlei beroepen en de opleidingen die daarvoor nodig zijn. Deze oriëntatie vormt een vast onderdeel van de onderbouw. | ||
| Onderwijsbijdrage | Herkomst: Onderwijs | |
| De overheid maakt een onderscheid tussen schoolkosten en een onderwijsbijdrage. De onderwijsbijdrage bestaat uit les-, cursus- en collegegeld en is wel wettelijk vastgelegd. Er is recht op studiefinanciering voor voltijds studenten in het hoger onderwijs of voor studenten vanaf achttien jaar in het middelbaar beroepsonderwijs. Verder ondersteunt de overheid ouders en studenten soms door middel van tegemoetkomingen in de schoolkosten. Beide zijn aan te vragen bij de Informatie Beheer Groep (IBG). | ||
| Onderwijsnummer | Herkomst: Onderwijs | |
| Iedereen die in Nederland onderwijs volgt, wordt bij inschrijving geregistreerd met een PGN (Persoonsgebonden Nummer). Scholen zijn verplicht dit te gebruiken in hun administratie. In de meeste gevallen wordt hiervoor het sofinummer gebruikt. Als er geen sofinummer beschikbaar is, wordt door de IB-groep een uniek nummer toegekend. Het 'onderwijsnummer' is dus, strikt genomen, het unieke nummer voor kinderen zónder sofinummer. | ||
| Onderwijstoezicht | Herkomst: Onderwijs | |
| In juni 2002 is de Wet op het onderwijstoezicht vastgesteld die regelt dat de kwaliteit van alle scholen door de inspectie wordt doorgelicht. De inspectie komt eens in de vier jaar bij elke school met een team op bezoek, spreekt dan met directie leraren leerlingen en ouders en bezoekt lessen. Daarna schrijft de inspectie een rapport over de kwaliteit van het onderwijs op de school. De rapporten de resultaten van de scholen zien en wat de inspectie vindt van de kwaliteit van de lessen, de veiligheid, gebruik van computers en dergelijke. Deze rapporten zijn openbaar en kunnen door iedereen op internet geraadpleegd worden. | ||
| Open bestel | Herkomst: Hoger Onderwijs | |
| Het hoger onderwijs kent drie type onderwijsinstellingen: bekostigde, aangewezen en particuliere instellingen. Een nieuwe ontwikkeling is dat er mogelijkheden komen voor niet-bekostigde instellingen om op tijdelijke basis opleidingen te gaan verzorgen met overheidssubsidie. Met ingang van het studiejaar 2007-2008 en het studiejaar 2008-2009 wordt op beperkte schaal geëxperimenteerd met een open bestel. | ||
| Openbare school | Herkomst: Hoger Onderwijs | |
| Een openbare school wordt bestuurd door het gemeentebestuur of door een bestuurscommissie die de gemeente heeft ingesteld. In zo'n bestuurscommissie kunnen ouders zitten. Verder kan de gemeente het bestuur van een openbare school verzelfstandigen door het over te dragen aan een openbare rechtspersoon
of het onder te brengen in een stichting. Openbare scholen staan open voor alle leerlingen, van welke godsdienst of levensovertuiging dan ook. Er zijn ook openbare scholen die volgens bepaalde opvoedings- en onderwijsmethoden werken, zoals Montessori, Jenaplan, Freinet en Dalton. | ||
| Orthopedagogisch Didactisch Centrum | Herkomst: Onderwijs | |
| Een centrale zorgvoorziening van een samenwerkingsverband VO. Van hieruit kan op basis van meer specialistische deskundigheid zorg en ondersteuning geboden worden op het gebied van LWOO. | ||
| Ouderbijdrage | Herkomst: Algemeen Voortgezet Onderwijs | |
| Het voortgezet onderwijs in Nederland is vanaf 1 augustus 2005 gratis. Er hoeft dus geen lesgeld meer te worden betaald. De ouders hebben kosten voor schoolboeken, lesmateriaal/lesactiviteiten, diensten die de school aanbiedt en eventueel reiskosten. Scholen mogen ouders vragen mee te betalen aan bepaalde activiteiten of voorzieningen. Deze ouderbijdrage is een vrijwillige bijdrage, d.w.z. dat u als ouder kunt kiezen of u wel of niet betaalt voor een bepaalde activiteit of voorziening. Scholen mogen een leerling de toegang tot de school dus niet weigeren als u deze bijdrage niet kunt of wilt betalen. Maar als u niet bijdraagt, mag uw kind misschien niet meedoen aan bepaalde festiviteiten of uitstapjes. Die worden namelijk vaak uit de ouderbijdrage betaald. Wanneer excursies een onderdeel vormen van het schoolplan, kan de school leerlingen de deelname niet weigeren. Het geld van de ouderbijdragen wordt meestal gebruikt voor festiviteiten, culturele activiteiten en extra leermiddelen. Sommige scholen vragen één bedrag per jaar, andere vragen per keer geld voor een speciale activiteit. Weer andere scholen gebruiken beide mogelijkheden. De school moet met de ouders een schriftelijke overeenkomst sluiten over de ouderbijdrage. Eerst moet echter vaststaan dat de leerling wordt toegelaten tot de school. In de overeenkomst moet de school duidelijk maken wat er met het geld van de ouderbijdrage gebeurt. Daarnaast moet in de overeenkomst staan welke regels gelden voor vermindering of kwijtschelding van deze bijdrage. De hoogte van de ouderbijdrage verschilt per school. Nadat u akkoord bent gegaan met de ouderbijdrage, bent u natuurlijk verplicht deze te betalen. Dat geldt ook voor verhogingen van de ouderbijdrage waarmee de medezeggenschapsraad in een later stadium kan instemmen. U kunt via de medezeggenschapsraad invloed uitoefenen op de hoogte en de besteding van de ouderbijdrage. Er is een gedragscode Schoolkosten Voortgezet Onderwijs die beschrijft hoe scholen op een zorgvuldige en heldere manier met ouders kunnen communiceren over de schoolkosten. Deze gedragscode is opgesteld door vertegenwoordigers van besturen- en ouderorganisaties en Schoolmanagers-VO. U kunt de school vragen of zij deze gedragscode toepast. U kunt de gedragscode hier downloaden. Bijzondere scholen vragen soms ook nog contributie voor het lidmaatschap van de vereniging waar de school van uitgaat. U bent echter meestal niet verplicht om lid te worden van zo'n vereniging. | ||